Bedevaart Duitsland, Polen,Tsjechiƫ - PO1901-Dag 5

vrijdag 13 september 2019 | Betty Osse

Om kwart voor acht stappen we in de bus die ons naar Wielicska brengt waar één van de oudste zoutmijnen van de wereld ligt. Al in 1044 wonnen ze hier zout en ook komen al meer dan twee eeuwen bezoekers naar de mijn toe.

Goethe en Chopinen andere beroemdheden ging ons voor. Met een gids voor ons op en voorzien van een oortje om zijn uitleg te kunnen volgen, dalen we af in de mijn. Na 53 trappen met 6 treden en steeds weer een plateautje zijn we in de eerste gang waar vroeger de mijnwerkers werkten. De gids verteld ons hoe dat ging en diverse tableaux geven ons daarvan een duidelijk beeld. Via nog meer trappen komen we dieper in de mijn.
We lopen langs beelden gemaakt vang het zoute gesteente. Er zijn diverse kappelen in de mijn. In de grootste kan je zelfs trouwen. De voorstelling van het laatste avondmaal die daar in de muur is uitgehakt is centimeters diep. Na ruim twee uur zijn we aan het eind van de rondleiding. Gelukkig hoeven we niet alle trappen weer op te lopen maar gaan we in de liftkooien naar boven.

We stappen weer in de bus om naar Auschwitz- Birkenau re rijden, het reisdoel van deze middag. Onderweg stoppen we in Oswiecim en picknicken op het grasveld voor de kerk. Het naast de gelegen kerkhof is net als alle begraafplaatsen een bloemenzee. Ook staan er op elk graf mooie lampjes. In Auschwitz is het vreselijk druk en volgens onze chauffeur Laurens is dat elke dag zo. Ook hier krijgen we weer een gids mee die ons verteld wat voor verschrikkelijkheden hier plaatsvond.
In verschillende barakken laten foto's dit ook zien. We weten allemaal wat hier gebeurt is tijdens de tweede wereldoorlog, maar over het terrein lopen en alles te zien laat nog meer tot je door dringen hoe hoe onmenselijk het was. We hebben dan ook geen moeite mee om stil te zijn , dat ben je hier vanzelf. In de gevangenisbarak zien we de cel van Maximum Kolbe, de heilige van Auschwitz. 
Deze kloosteroverste bood vel Joodse vluchtelingen onderdak aan in het klooster. 
Eenmaal gevangen door de Duitsers bood hij zich aan om de plaats in te nemen van een jonge vader die al represaille maatregel moest sterven. De jonge vader overleefde het kamp, Maximiliaan werd geëxecuteerd. Bij de dodenmuur steken we onze meegebrachte lichtjes aan en staan stil bij wat hier gebeurt is. 

In kamp Birkenau waar we na het bezoek Auswits naar toe rijden staan nog een paar barakken. Het spoor en het perron waar de mensen werden aangevoerd liggen er nog. Terwijl we hand in hand in een kring staan spreekt Pastoor Wellen een gebed. Op onze pelgrims tocht zijn we op zoek naar Maria.